Featured

Sociale druk en gelukkig zijn

In onze westerse maatschappij is de druk die mensen ervaren om gelukkig te zijn enorm.  Gelukkig zijn is de norm, we hebben immers alles om gelukkig te zijn.  Geluks’coaches’ en andere goeroe’s leren je technieken om gelukkig te zijn, en maken het voor iedereen haalbaar om gelukkig te zijn.

Echter, een recente publicatie in Depression and Anxiety, toont aan dat de sociale druk om niet ongelukkig en bedroefd te zijn een nefaste invloed heeft op de depressieve gevoelens.  Onderzoekers van de KULeuven onderzochten deze paradox (de sociale omgeving promoot het gelukkig zijn, het effect ervan is dat je meer negatieve gevoelens ervaart) aan de hand van een online dagboekstudie.

112 Participanten met een verhoogde depressiescore kregen gedurende  30 opeenvolgende dagen sociale druk (in de vorm van boodschappen) om geen depressieve of angstige gevoelens te hebben.

De resultaten  van deze studie toonden aan dat de druk die mensen ervaren om toch maar geen negatieve gevoelens te hebben er net voor zorgt dat mensen méér  negatieve gevoelens ervaren.

De sociale druk vanuit de omgeving draagt met andere woorden bij tot de ontwikkeling of persistentie van negatieve gevoelens.  Hoe sterker die sociale druk wordt ervaren, hoe negatiever de invloed ervan.  Het klinkt ook niet geheel onlogisch, je voelt je niet alleen slecht, ook de sociale omgeving vertelt je voortdurend dat je eigenlijk gewoon gelukkig moet zijn…

Niet alleen de maatschappelijke druk om gelukkig te zijn, maar ook de druk van eigen sociale omgeving kan wegen op mensen met negatieve gevoelens van angst en depressie. Het persoonlijke mislukken van het voor iedereen grijpbare geluk, benadrukt nog meer het eigen falen.  “Gij zult gelukkig zijn” schreef de Franse filosoof Pascale Bruckner reeds in 2000, een visionair werk zo blijkt.

pascale bruckner

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

mhGAP Intervention Guide

De Wereld Gezondheid Organisatie heeft een app gelanceerd rond geestelijke gezondheidsproblemen voor hulpverleners wiens expertise niet onmiddellijk in de GGZ ligt.

De app omvat de beschrijving en behandeling van de belangrijkste psychiatrische en neurologisch problemen (depressie, psychose, epilepsie, middelenmisbruik, dementie, ggz-problemen bij kinderen en jongeren, zelfverwondend gedrag en suïcide).  Telkens volgt een beschrijving van de problematiek, assessment, behandeling, en aanbevelingen voor follow-up.

Daarnaast worden nog algemene principes rond de zorg voor GGZ besproken en is er een omvangrijk Evidence Resource Center met referenties per problematiek opgenomen.

Voorlopig enkel in het Engels, andere vertalingen zouden onderweg zijn.

Kortom, een erg ruime en betrouwbare bron van informatie rond enkele belangrijke GGZ en neurologische problematieken.

 

Geluksonderzoek

In navolging van de KULeuven die de resultaten reeds publiceerden, is ook de UGent gestart  met een grootschalig onderzoek naar de geluksbeleving van de Belgen.

Lieven Annemans van de faculteit Gezondheidswetenschappen van de Gentse Universiteit is de trekker van het onderzoek, een online bevraging is gelanceerd en zoekt zoveel mogelijk vrijwilligers die de (stevige) vragenlijst willen invullen.

App Stap voor Stap

De afdeling Kadans van het Psychiatrisch Ziekenhuis Bethanië in Zoersel heeft de app “Stap voor stap” ontwikkeld om cliënten te helpen stappenplannen te gebruiken in het dagelijkse leven.

Het stappenplan kan op maat van de gebruiker ingesteld worden en geeft informatie in geschreven, gesproken of visuele vorm.

Ontworpen op de afdeling voor mensen met Niet-Aangeboren Hersenletsel, maar bruikbaar voor mensen met verschillende beperkingen.

Gratis te downloaden in de playstore.

EBM

Sackett en collega’s bespraken in 1996 in de British Medical Journal de nood aan meer op bewijzen gebaseerde geneeskunde.  De ‘gouden standaard’ van het EBM-denken, de Randomized Controlled Trial heeft sinds die tijd een prominente plaats ingenomen in het (geneeskundig) wetenschappelijk onderzoek.

Recent is er in de literatuur een discussie ontstaan rond het nut en de haalbaarheid van die RCT’s, en worden rapporten van patiëntenblogs, N-of-1 trials, en big-data als mogelijke aanvullende onderzoeksmethoden voor de EBM benadering gezien.

Het kan voor ergotherapeuten hopelijk een aanzet zijn om systematisch gegevens bij te houden van patiënten en behandelingen, om deze resultaten nauwgezet te bundelen en kritisch te evalueren en te delen.  Zo groeit het besef dat wetenschapsbeoefening niet enkel aan de hogeschool of universiteit moet gebeuren, maar vooral gestuwd moet worden vanuit de praktijk.